Het ongeduldig verdeelde


Meestal merk je het niet op, maar soms met werk dat je fijn vindt, of zomaar als je in je huis bezig bent voel je hoe ongeduldig je bent, terwijl je echt niet dan en dan klaar hoeft te zijn.
Waar komt dat vandaan? Geen antwoord, hoe je ook zoekt.
Je gaat verder op de gewone manier, maar iets van de vraag blijft bij je en laat je meer opletten waardoor je ook merkt hoe je lichaam is, dat er spanningen zijn in je gezicht, schouders en rug en voor de computer zit je voorovergebogen om sneller bij je einddoel te zijn, alsof je op de fiets zit terwijl er regen dreigt.
De vraag wordt sterker en maakt, zonder dat de aandacht voor je werk verslapt, dat je verder doordringt in die merkwaardige drang sneller en verder te willen dan je
kunt.
Tenslotte wordt die vraag zo sterk dat je langzamer gaat werken én je tot je verbazing constateert hoe prettig dat is.
Je ziet van allerlei dat je tot nu toe ontging, en maakt ongehaast af waarmee je bezig bent.
Dat helemaal afmaken, zonder enige gedachte aan wat daarna nog moet gebeuren maakt je uitgerust en fris voor het volgende  dat zich aandient.
Je had het nog niet in je gedachten en was eigenlijk leeg, zonder doel.
Dat beroemde leeg zijn  waarover je zoveel gelezen hebt, blijkt heel dichtbij te zijn, zomaar in je gewone dagelijkse leven.

Je hoeft alleen maar af te gaan op je eigen ervaring zonder erover te denken.