Je ego vergeten
Inleiding en gesprek maart 1990


Dat ik vanochtend hier met jullie kan zitten, is dankzij twee gebeurtenissen in het krijgsgevangenenkamp.

Toen ik december 1942 het kamp inkwam, was het net etenstijd. En ik zag hoe dat ging, zo'n grote gamel waar hoofdzakelijk water in zat, met een paar blaadjes groente en aftreksel van de darm van een karbouw, en een half kommetje rijst. Het was dus niet zo erg voedzaam.
Maar waar het eigenlijk om ging is het gedrag van de mensen die dat voedsel in ontvangst namen –dat is vriendelijk gezegd. Want het waren eigenlijk net dieren. Elke korrel werd zo gezegd nagekeken, elke lepel van die soep werd gewogen. En toen het dan klaar was en de gamel was leeg, toen waren er verscheidene mensen die helemaal in die gamel kropen om de bodem nog uit te likken. Dat was de eerste dag.


Toen heb ik mijn eerste zenles gehad: als je je overgeeft aan de zelfhandhavingsdrift, die we allemaal hebben, dan ga je kapot. Al die mensen – naderhand in de dodenbarak ben ik ze weer tegengekomen, toen ze dan stierven – die alleen maar bezig waren met dat eten, besteedden hun energie op een verkeerde manier.
Als je zoiets ziet en het dringt tot je door, dan neem je ook een besluit – daar hoef je je wil niet voor in te zetten – om je daar niet mee bezig te houden. En dat werkt, ik heb daar absoluut geen last van gehad. Natuurlijk was het eten veel te weinig, het was echt een hongerdieet. Maar waar het om ging was hoe je ermee omging, of je echt zag wat daar gebeurde, namelijk dat een drift in jezelf je te gronde richt. Die anderen hadden dat ook kunnen zien, maar ze hebben het niet gezien.


(open onderstaande link voor de volledige tekst)

 
Je ego vergeten