Bewustworden vraagt 'nee' zeggen
Inleiding en gesprek mei 1990


Ik heb de vorige keer twee voorvallen uit mijn leven genoemd om enigszins aan te geven wat de urgentie is die voor ons allemaal geldt. Ondanks het feit dat we natuurlijk in een maatschappij leven waarin je je de luxe kunt permitteren die urgentie niet op te merken.

Ik heb in een heel mooi boek van Nico Tydeman zeer uitvoerig kunnen lezen hoe het kloostersysteem werkt. [1] Het komt er op neer dat je in het klooster in een leefstructuur terecht komt, die – zeker als je er als monnik je vaste verblijfplaats hebt – het je bewustzijn onmogelijk maakt om op de gewone manier te werken. De taken die er zijn, zijn hard, maar zeer simpel. Je bent haast gedwongen om op te merken hoe je bewustzijn voortdurend aan het spelevaren is.
Het is alleen jammer – de getuigenissen daarvan zijn zeer vele – dat wanneer je die leefstructuur verlaat, je toch weer overgeleverd blijkt te zijn aan die ‘lanterfanterende’ bewustzijnswijze, die ons allen heel erg bekend is.

De vraag is: is dat te doorbreken? In de kloosteropstelling kan iedereen gevestigd raken in de bekkenbasis. Dat is een heel ding. Maar dat is iets anders dan voortdurend beseffen dat je, behalve die vergankelijke mens die je bent, ook iets totaal anders bent. En dat dat bewustzijn je niet meer verlaat – je kunt er wel eens uitvallen, maar dan weet je dat je eruit valt.
Dat komt in dat boek van Nico Tydeman heel mooi naar voren. Een van de zenfiguren die daar uitvoerig wordt besproken, Ikkyu, is als zenmeester de geschiedenis ingegaan als habitué van de hoerenwijken van Kyoto. Waarmee gezegd wil zijn dat hij de voortplantingsdrift kende, maar niet verwierp. Er is een heel mooi gedicht
[2] waarin hij zegt: “Onder mijn voeten loopt een lange rode draad van hartstocht.” En daar bedoelt hij mee: in zen wordt daarover gezwegen, maar het is er wel!


[1] Nico Tydeman: Vormen van oneindige leegte. Karnak, 1990

[2] Zie pag. 133


(open onderstaande link voor de volledige tekst)

 
Bewustworden vraagt 'nee' zeggen